Op 6 augustus 1999 werd de Wet van 7 mei 1999 houdende het Wetboek van
Vennootschappen gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Hiermee
werd het vennootschapsrecht, dat voorheen verspreid te vinden was in het
Burgerlijk Wetboek (boek III, titel IX), het Wetboek van Koophandel (boek I,
titel IX), de Wet van 12 juli 1979 tot oprichting van de
landbouwvennootschap en de Wet van 17 juli 1989 op de economische
samenwerkingsverbanden, gecoördineerd en gebundeld in één wettekst.
Naast de bundeling van het vennootschapsrecht sensu stricto, werden
de belangrijkste bepalingen van het jaarrekeningenrecht tevens ondergebracht
in het Wetboek van Vennootschappen. Hiermee werd getracht om de
basisinstrumenten van de hedendaagse vennootschapswereld (de jaarrekening en
geconsolideerde jaarrekening) in de vennootschapswetgeving op te nemen.
Tenslotte werden ook een aantal bepalingen van de Wet van 2 maart 1989 op de
openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in ter beurze genoteerde
vennootschappen en tot reglementering van de openbare overnameaanbieding
opgenomen in het Wetboek van Vennootschappen. Deze bepalingen bevinden zich
op het grensvlak van het vennootschaps- en financieel recht en werden om die
reden opgenomen.
Het is belangrijk erop te wijzen dat het Wetboek van Vennootschappen slechts
een coördinatie van bestaande wetsbepalingen is, en dat het niet de
bedoeling was van de wetgever om het vennootschapsrecht te hervormen.
Nochtans bevat het wetboek een aantal, zij het minder belangrijke,
wijzigingen ten aanzien van de voorheen geldende, over verschillende bronnen
verspreide wetgeving.
Het wetboek trad in werking op 6 februari 2001. Krachtens de overgangsbepalingen van het Wetboek van Vennootschappen, moeten de op 6 februari 2001 bestaande vennootschappen hun statuten aanpassen aan het wetboek binnen de drie jaar na de inwerkingtreding ervan, zijnde uiterlijk op 6 februari 2004. Zolang de statuten niet zijn aangepast, zal elke statutaire clausule die verwijst naar bepalingen die door de Wet van 7 mei 1999 zijn opgeheven of waarvan de nummering werd gewijzigd, met behulp van de concordantietabel (zie p. 419) worden gelezen als een verwijzing naar de nieuwe nummering van deze teksten.
Wanneer de statuten niet binnen voormelde termijn van drie jaar werden aangepast aan het Wetboek van Vennootschappen, kan iedere belanghebbende de ontbinding van de vennootschap voor de rechtbank vorderen. In voorkomend geval kan de rechtbank aan de vennootschap een termijn toestaan om haar toestand te regulariseren.
Inmiddels werd het Wetboek van Vennootschappen reeds een aantal malen
gewijzigd, onder meer door :
- de Reparatiewet van 23 januari 2001 (B.S. 6 februari 2001);
- de ‘Corporate Governance’ Wet van 2 augustus 2002 (B.S. 22
augustus 2002);
- de Wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van
Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van
erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen (B.S. 5
februari 2003).
De meest opmerkelijke en verdienstelijke vernieuwing aan het Wetboek van Vennootschappen is haar heldere en logische structuur: zij bestaat uit 15 boeken die voor een eigen systematiek zorgen. Teneinde een goed begrip te krijgen van het wetboek en het wetboek vlot te kunnen hanteren als handig werkinstrument, dient de gebruiker van dit wetboek zich deze structuur eigen te maken. Om die reden werd dan ook een uitgebreide inhoudstafel van het wetboek bij het begin van deze uitgave opgenomen.
Het is deze logische opbouw van het wetboek die er tevens voor gezorgd heeft dat achteraan in deze editie slechts een beperkte trefwoordenlijst werd opgenomen van de belangrijkste termen die in het wetboek en haar uitvoeringsbesluit voorkomen.
De auteur :
Filip Jenné
Advocaat te Brussel